Laatste aanpassing 01-01-2012

 
Hier is de start
  Waar zitten we?
  Reisverhalen Laatste verhaal 19-2-2007
  Dit is puur Jackie

  Plaatjes onderweg 2-3-2007
  Een berichtje?
  Hoe ons te bereiken 19-2-2008
  Links
  Alleen voor ons!


Is het bij ons Dag of Nacht? Klik hier om te kijken.Geboren! Mitchell Boet Klik hier om te kijken. 
© rondjeaustralie 2005-2012
© author Liesbeth Piet
© photography Coert Schotanus

Ansons Bay, Bay of Fires, Policemans Point                                           1-2-2006 t/m 5-2-2006
Champagne en wijnglazen                                                                                                6-2-2006
Maria, oh, Maria                                                                                                                  7-2-2006
Duur brandhout - Tasman National Park, Fortescue Bay                                             8-2-2006
Hobart                                                                                                                                10-2-2006


Ansons Bay, Bay of Fires, Policemans Point                                           1-2-2006 t/m 5-2-2006


Oost Tasmanië is zo enorm indrukwekkend mooi, dat ik de plaatjes moet laten spreken want woorden schieten tekort. Om Bay of Fires te bereiken moeten we heel wat hobbelen op dirt roads. Ik zit met samengeknepen billen naar alle gaten en ribbels in de weg te staren, genaamd 'rugs', well ruk the rugs, zullen we maar zeggen. De Isuzu rammelt natuurlijk van alle kanten en ik doe elke keer een schietgebedje dat we ons huisje maar niet kapot rijden met al dat gestuiter. Coert trekt zich nergens wat van aan en doet net alsof hij een 4 wheel drive rijdt. Jackie valt van al dat gehobbel natuurlijk gewoon in slaap. We parkeren onze camper pal aan de jade groene baai op de bushcamping. Wat een geweldige plek, het lijkt wel of we op de Malediven zijn aangekomen!! Als ik in de namiddag in mijn eentje mijn dagelijkse hardlooppoging onderneem, overvalt de stilte me. Het is zo gek eigenlijk, wij (meisjes in het Westen) zijn opgevoed ons onveilig te voelen op afgelegen stukken, waar niemand je kan horen of zien. De Aussies vertellen me keer op keer hoe heerlijk ze het vinden als ze ergens alleen zijn en voelen zich onveilig in de grote stad met zoveel mensen om hun heen, waar altijd wel één gek tussen zit, toch? De weergoden zijn met ons als we de volgende dag ontwaken met strakblauwe lucht en de hele dag luieren aan het strand. We hebben op en top vakantiegevoel. Dat klinkt wellicht raar, maar zo iedere dag reizend (met kind) brengt toch meer huishoudelijke beslommeringen met zich mee dan ik van tevoren niet had kunnen bedenken. Elke morgen voor 10 uur inpakken & wegwezen, boodschappen doen, koken, wassen, 24 uur per dag Jackie opvoeden, onderhoud aan de Isuzu, de poepkoffer legen (nou ja die zijn voor Coert dan), etc. Met pijn in mijn hart neem ik de volgende dag afscheid, wat een bijzonder mooie plek op aarde.

 
Champagne en wijnglazen                                                                                                6-2-2006

Na regen en storm langs de verdere oostkust, komen we met zon aan in het Freycinet National park. Wij spreken uit als Freixenet (ja van de champagne) aangezien de baaien prachtige namen hebben als Sleepy, Promise en Wineglass Bay. Het is hier eigenlijk best druk en we hiken naar het uitkijkpunt met veel aanmoediging van de medelopers. Iedereen is altijd zo onder de indruk van Jackie met haar kleine sterke beentjes. Inmiddels heeft Jackie ook een bijnaam, want alle mannelijke Aussies noemen je 'little blondy'. Als de zon goed doorkomt voelen we de enorme stralingswarmte pas echt, de zon brandt enorm met UV 10 (op de schaal van 10). Vanaf de top zijn de baaien zo waanzinnig spectaculair dat ze de gekozen namen eer doen. Helaas gaat mijn vocabulaire niet verder dan aquablauw en jadegroen. Gelukkig is het kleurpallet van Coert zijn camera zeer uitgebreid en onuitputtelijk. We overnachten in het National Park en genieten op mijn verjaardag nogmaals van al het pracht en praal met een kop koffie op het terras van het oh zo luxe Freycenet Lodge (á $ 300 per nacht). Van Coert krijg ik het liefste cadeau, een dagje 'vrij' en ik kies Hobart voor de nodige kapper en een dagje lekker struinen door de stad. Mijn vriendinnen hebben een envelop boekje in elkaar geklust voor onze reis en op speciale dagen mogen we een envelop open maken, wat natuurlijk super is omdat het tot het einde van de reis meegaat en spannend blijft. Ik lees een superlief kaartje met $ 50 voor een massage/kapper/etc. Goh wat kennen ze me toch goed! Als we een paar dagen later weer bewoond gebied inrijden en we ontvangst hebben met Vodofone staat mijn voicemail vol met lieve felicitaties.

 

Maria, oh, Maria                                                                                                                  7-2-2006

Om op Maria Island te belanden, moeten we heel wat ondernemen. Ja, als je dan toch van een eiland (Australië) op het eiland zit (Tasmanië), dan wil je ook wel een eiland verder. In een supersuf plaatsje overnachten we om de volgende dag de pont te nemen naar Maria Island. Ik krijg erg 'Chili-gevoel'. Als ik dat een paar dagen later tegen de kapper zeg, zegt ze dat veel toeristen die vergelijking maken. In dit gebied is overigens heel veel Nederlandse geschiedenis (voor de geďnteresseerden onder ons). We hebben gelukkig de fietsen meegenomen voor onze dagtocht om toch nog een deel van het eiland te kunnen zien. Je kunt ook heel primitief overnachten (wel álles zelf meenemen, er is daar niets te krijgen). Als een mevrouw met Nederlandse afkomst ons aanspreekt met de vraag waarom we niet blijven overnachten, antwoord ik 'nee, te stil'. Nou ja dat is zoiets als tegen een Nederlander te antwoorden 'nee, te zonnig' op de vraag waarom hij niet naar Zuid-Europa op vakantie gaat. Oké dit cultuurverschil is nu wel duidelijk. Op Maria Island zien we voor het eerst de grillige prachtige natuurverschijnselen die limestone met zich meebrengt, genaamd de 'painted cliffs'. Limestone is gevormd doordat miljoenen jaren skeletten (vooral van vis) op elkaar zijn gedrukt en is zeer gevoelig voor water; zowel poreus als dat het makkelijk verkleurd. De prachtige ocean road die we straks vanaf Melbourne naar het Westen gaan rijden is ook gevormd door limestone. Water kan er vanaf onder bij, wat door afbrokkelen 'bruggen' maakt. Als die ook weer instorten ontstaan grillige opstaande pilaren zoals de 12 Apostels (die overigens ook weer instorten, want er staan er inmiddels nog 8?). Maar water sijpelt er soms ook ín, waardoor stukken land zomaar instorten en geweldige gaten veroorzaken ook wel 'sinkholes' genaamd, waar de Australiërs dan direct tuinen in aanleggen. Het is dus nogal een gevaarlijk goedje dat limestone, maar brengt wel heel wat toeristische attracties met zich mee. We fietsen overigens de rest van de middag nog wat langs de kust, maar durven niet al te ver want we willen weer mee op de pont terug op weg naar het volgende Nationale Park. We hebben bij aankomst een pas gekocht waarmee we alle parken mogen bezoeken en hebben de ambitie er toch zeker 10 van de 15 aan te doen! De terugtocht wordt opgeleukt door dolfijnen aan de boeg, altijd raak, wat blijven die dieren toch een vreugde brengen (bij iedereen op de boot overigens, incl. kapitein).
 

Duur brandhout - Tasman National Park, Fortescue Bay                                             8-2-2006

't Is maar goed dat we al een beetje ingehobbeld zijn, want de dirtroad naar Fortescue Bay is zo slecht dat de weg volgens mij niet het predikaat dirtroad 2 wheel verdiend, maar gewoon een ordinaire 4 wheel drive lijkt. Wederom met samengeknepen billen en Jackie's slapend hoofdje op schoot, dendert Coert de berg af richting park (dat wordt nog lachen straks terug bergopwaarts). Als we ons willen melden bij de ranger voor een slaapplaats, blijkt dat we bijna een fiets verloren zijn. Wonder boven wonder hangt die nog achter de wagen en is die niet kapot (helaas wel wat krasschade aan de Isuzu). We vinden een prachtige spot in het bos met uitzicht op de baai en ontmoeten Kees (ja, Hollandse afkomst), de caretaker van de bushcamping. Hij maakt een praatje met ons en vertelt ons dat we geen hout mogen sprokkelen. Natuurlijk heeft hij toevallig een mooi partijtje droog brandhout achter in z'n pick-up liggen, dat we kunnen kopen voor $6 (leuke sitebusiness, Kees!). Hij belooft mooi weer als onderdeel van de verkooptruc. We lachen ons rot om deze grapjas, maar willen graag een paar dagen blijven en we hebben een mooie vuurplaats, dus ik gooi de kleingeld pot om. Ik zal je krijgen, $6 dollar voor een beetje hout dat overal om ons heen te vinden is. Hij vertelt ons waar de pinguďns 's avonds te land gaan (die en die track vanaf het strand en dan ter hoogte van de omgevallen boom met het nest jonge pinguďns). Goedgemutst vertrekken we voor zonsondergang langs het strand op zoek naar die en die track en ja vervolgens op zoek naar de omgevallen boom. Jackie zoekt naarstig mee naar het nest en vindt natuurlijk vanaf haar lage ooghoogte als eerste de baby pinguďns. Wat is ons meisje trots. Met een paar andere Aussies zitten we stil urenlang te wachten. Als we het bijna opgeven en willen vertrekken vechten een handje vol pinguďns zich door de branding de rotsen op. Coert sneakt naar ze toe en overvalt ze met flitslicht (nou, nou moet dat nou). Gelukkig eindelijk heeft hij zijn plaatje kunnen schieten van de schuchtere diertjes. In het donker zoeken we onze weg terug naar het strand. Jackie speelt gids en schijnt ons bij met de zaklantaarn bovenop Coert zijn schouders. Poeh, wat krijgt ze een praatjes. Vanaf die dag, telkens als we ergens lopen en we zien een omgevallen boom, roept Jackie heel schattig met haar vingertje voor haar mond, "Sschtt, baby pinpin".

's Nacht regent het pijpenstelen en ja, ons hout ligt buiten nat te worden. We proberen die morgen nog een hike met regenjas en al op modderige glibberige rotsen omhoog, maar geven het na een uurtje op. We keren halverwege terug en besluiten direct maar naar Hobart te vertrekken. Coert overweegt serieus nog om het natte hout in de camper te gooien. No way, José. In ieder geval hebben de volgende kampeerders een droomspot mét hout en al. Nou dat had je gedacht, Kees komt vast dat hout weer ophalen en verkoopt dat weer door aan andere goedgelovige toeristen nét voor een heftige regenbui. Met enige inspanning lukt het om de Isuzu weer veilig het asfalt op te krijgen. Onze stop voor een bezoek aan het Tasmanian Devil Park wordt indrukwekkend als we zien hoe de jonge mannetjes gevoerd worden met aangereden kangaroe. Wat een agressie, zeg! We komen laat aan in een koud Hobart maar vinden gelukkig toch nog een plaatsje op de 2e camping die we aandoen.



Hobart                                                                                                                                10-2-2006

10 Februari wordt mijn dag! Ik ga met de bus naar de stad en bedenk me dat het minstens 10 jaar geleden is dat ik in mijn eentje in een onbekende stad in het buitenland ben geweest (nou ja buiten zaken dan). Ik loop de eerste de beste kapper binnen en bingo ook waarschijnlijk de duurste en de hipste. De middag geniet ik dwalend langs de haven, door het St David Park en Salamanca Square. Wat een geweldig leuke stad zeg. Salamanca Square is net zo Zuid-Europees als het klinkt; Dalí-achtige fonteinen en kleine, oude, kleurig gemozaďekte binnenplaatsjes met de leukste kneuterige winkeltjes. Er is zelfs een feeën winkel, waar ik roze engelvleugeltjes voor mijn meisje scoor. Met Japans eten onder de arm bus ik terug naar mijn schatjes. Heerlijk hoor zo'n dagje uit, maar ook weer fijn om de blije gezichten te zien als ik terugkom. Je zal het niet verwachten van deze onafhankelijke dame, maar inmiddels zijn we toch gewend 24/7 bij elkaar te zijn.

 

<vorige pagina>                                                                                                                 <volgende pagina>