When you need it most 2-3-2006
17 januari 2006, Jackie 3! 17-1-2006
When you need it most 2-3-2006

Ja,
ja, al jullie klachten zijn aangekomen. De site is in maanden niet
bijgewerkt en de oplettende bezoeker kan zien dat de foto's wel ge-update
zijn dus het is allemaal mijn schuld. 't Is vreselijk. Ik heb al 6 weken
niet geschreven en nog steeds hebben we 20 trouwe hits per dag. Dat zijn
dus zo'n 800 teleurstellingen, sorry. Voordat we vertrokken heb ik nog
overwogen om een paar vrouwenbladen te benaderen (Libelle, Margriet of
zo) met mijn verhaal over reizen met mijn gezin door Australië, maar
uiteindelijk niet gedaan omdat ik geen zin had in deadlines. Zoals je
ziet is dat verstandig geweest, want ik ben in januari in een heimwee
dip beland en had geeneens meer zin om te schrijven en elke avond ben ik
in een boek weggedoken. Na ongeveer 10 romantische comedy boeken a la
Bridget Jones en een paar heerlijke holistische massages ben ik de dip
zat, maar zijn we inmiddels 6 (zeer actieve) weken verder. Ik vind
eindelijk de tijd en inspiratie om te schrijven. Het is Coert gelukt me
aan te steken met een net iets te vaag griepje waar ik al dagen tegenaan
hang. We staan in Robe, het is eindelijk weer eens lekker weer en Coert
is met Jackie naar het zwembad. Ik heb mezelf een dagje ziek verklaard
en zit heerlijk met mijn favoriete muziekje, een kopje koffie in de
airco. Heerlijk de hele camper voor mezelf, zo waar zal ik eens
beginnen.
Waar het allemaal mee begon....Lake Entrance. Als je zelf een slechte
dag hebt (rugpijn, hormonen, vul maar aan) en Jackie te moe is om ja of
nee te zeggen op alles wat je voorstelt. Als ze teleurgesteld terugkomt
uit de speeltuin en zegt 'Jackie kan niet praten' (Jackie spreekt geen
Engels). Als je op een overvolle camping staat in het hoogseizoen aan
een prachtig (zeggen ze) Lake Entrance, maar dat het zo grijs is en het
miezert, tja dan kan je maar één ding doen, in een winterdepressie
glijden en heimwee krijgen. Echter op dat soort momenten ontmoeten we de
aardigste, leukste of grappigste Australiërs:
- Yvonne (gescheiden) en Robert (3 jaar). Yvonne heeft Nederlandse
ouders en begrijpt Jackie volkomen, waardoor Jackie zich zo op haar
gemak voelt dat ze 's morgens in pyjama bij hun aan de ontbijttafel
schuift. Yvonne stelt voor een dagje wat te doen samen, wat we met
beiden handen aangrijpen. Ja hoor gezellig. Ik begin helemaal te wennen
aan de Australische gastvrijheid en neem te kust en te keur
telefoonnummers en uitnodigingen aan (niet dat we ze altijd opvolgen
overigens). De volgende dag rijden we achter elkaar aan naar de Buchan
Caves. We genieten van koffie en broodjes (die Yvonne zelf gesmeerd
heeft en op het terras uitdeelt, hoe Nederlands kan je nog zijn!). De
kinderen vermaken elkaar en de voet- en kruiptocht door de grotten is
adembenemend mooi. Miljoenen jaren hebben zouten en andere kristallen
zich tot prachtige kleurrijke formaties gevormd. Robert en Jackie jutten
elkaar op en apen elkaar na. Na 6 weken als Coert Hobart uitspreekt als
Hobert (op z'n Hollands dus) roept Jackie nog steeds 'Robert, donkere
grotten'
- Terri en Deon met Hanah (4) en Damian (6) die net naar Australië
geëmigreerd zijn vanuit Zuid Afrika. Terri is een enig mens met
overigens zoveel heimwee dat ik me ineens weer heel goed voel. Ze gooit
af en toe Afrikaanse woorden door haar Engels wat haar heel grappig
maakt omdat we die natuurlijk begrijpen. Ze woonden bij het Krugerpark
(ja met personeel en al) en komen in de regen in het hoogseizoen in een
stacaravan terecht en dan is het ook nog Kerst. Géén goede combinatie.
Ze kunnen over een maand pas hun huurhuis in Orbost (of all places)
betrekken en wachten met smart op hun meubilair dat nog ergens op een
boot staat. We zetten het een avond op een zuipen en nemen de volgende
dag afscheid alsof we beste vriendinnen zijn.

- Matt en Lea met Tahnee (2) en Alesha (5). Ze staan naast ons in Bright
met een enorme combinatie (big rig). Ze hebben een dubbeldekkerbus om
laten bouwen tot top of the bill motorhome en zijn samen met hun
aanhanger voor de auto ongeveer 29 meter lang. Als we onze Isuzu naast
hun inparkeren zijn we ieniemienie. Ze hebben vanuit het niets een
succesvolle donutbusiness opgebouwd wat ze verkocht hebben en zijn nog
steeds niet aan hun nieuwe status gewend. Ze zijn ook 4 maanden onderweg
vanuit Brisbane maar hebben hun reisritme nog niet gevonden. Ze voelen
zich schuldig dat ze zo weinig doen (hebben wij nou helemaal geen last
van) en vertellen ons waar de goedkope supermarkt is (hebben we ook
helemaal geen last van). Ze willen de komende 5 jaar reizen, 'als we het
volhouden' zegt Lea er in een adem achteraan. Als ik haar vragend
aankijk, spreekt ze de hilarische woorden 'money or murder'. Hun bus is
overigens zo groot dat ze eerst met de auto moeten voorrijden om de
wegen en de camping te checken. Niet zo praktisch dus. Jackie is zo
onder de indruk dat ze de hele dag voor hun combi gaat staan en zegt
"grote bus, hele grote bus". De meisjes klikken direct en elkaars
speelgoed is natuurlijk altijd interessant, dus hebben de ouders een
rustige middag. We boeken er nog een dagje bij.
- Gillian, zo maar een enige 60+ lady waar we mee aan de praat raken op
een terras als we uiteten zijn (en Jackie de boel afbreekt) in
Mallacoota. Ze geeft als we vertrekken Coert een dikke kus en mij drukt
ze haar businesscard in de handen. Bel me als je ooit iets nodig hebt,
zie het maar als je 'umbrella, for a rainy day'. Heel schattig, ze heeft
natuurlijk zelf ook een dochter van mijn leeftijd.
- de Dutch shop in Bairnsdale. We kopen ons arm aan pepernoten,
taaitaaipoppen, speculaasbrokken, ontbijtkoek, zwartwitballen, drop.
etc. Ja, ook daar word ik weer vrolijk van. Helaas is na maanden van
bier, wijn, taart, snoep en fastfood niet alleen mijn gewicht met 5 kg
toegenomen maar zijn mijn darmen ook weer ontstoken (f%$#@@@@^&ck!) en
ben ik weer terug op mijn oh zo fijne suikervrij dieet. Mijn vader
stimuleert me om ook weer wat te gaan bewegen, dus inmiddels zijn de
veel te lelijke en te dure hardloopschoenen ingelopen (tnx Pa Piet).



Zoals je leest heeft Australië ons niet in de steek gelaten en ook de
afwisselende landschappen en sferen zijn zo verrassend dat ik helaas
even moet samenvatten: Ben Boyd park, paradijselijke stranden. Eden,
heerlijk vissersdorp met gezellige haven. Mallacoota, in het middle of
nowhere, komen we in een afgeladen gezellig dorp terecht met alleen maar
visfanaten (elke campingplek heeft zijn eigen aanlegsteiger). 's Morgens
geniet ik aan het ontbijt van het uitzicht op het meer, waar de vissers
hun vangst schoonmaken en hun afval richting de pelikanen gooien. Lake
Entrance, hét vakantiedorp waar het eindelijk lukt om in een gezellige
ambiance 's avonds op het terras aan het water een biertje te drinken
(de Aussies hebben nogal moeite met openingstijden en aankleding).
Helaas eindigt deze bestemming dus in mineur omdat het té druk is en het
weer té Nederlands.
De Victoria Alps (Alpine National Park) bestaat voor een heel groot deel
uit 'spookbos', net zoals de Snowy Mountains. Uren rijden we door
zwartverbrande bossen , maar het ondergewas is alweer aangegroeid en
staat in de bloei. Vrolijke alpenbloemen tussen 't zwart dat afsteekt
tegen een strakblauwe lucht, heel surrealistisch, heel paradoxaal.
Bright is een engelsachtig dorp, liggend in een kom tussen de bergen. De
tuinen zijn prachtig verzorgd en het eten is verrukkelijk (dat is dan
weer niet zo engels). We vermaken ons sportief op de fiets genietend van
de railtrail. Toen het oude boemeltreintje werd opgebroken waren de
Aussies zo slim om asfalt te storten. Zo ontstond een fietsroute van 100
km met jáwel de oude stations als picknickarea's. We zullen nog verder
op (o.a. Bairnsdale) vaker een stuk fietsen van deze geweldige
fietsroute.
Het openbare zwembad is de rivier met glijbaan en
springplank en is uiteraard gesponsord door de plaatselijke rotary (alle
speeltuinen en bankjes in Australië hebben een naamplaatje van een
willekeurige sponsor). In Beachworth beland je in het oude Wilde Westen
(goudzoekers plaatsje). De tijd is stil blijven staan en op hoge houten
veranda's in te oude hotels smaakt het bier heerlijk. Het is zo heet dat
onze poging nog een stuk railtrail te trappen 1 km van de camping
eindigt in de plaatselijke rivier en een paar uur later dus in de
plaatselijke kroeg, waar Jackie en ik overigens de enige meisjes zijn
(hoe bedoel je de tijd is stil blijven staan). We krijgen in de hitte
natuurlijk direct spijt van de alcohol in ons toch bijna kokend de
bloed. Het weer in Victoria is heel apart. Of het is over de 40 C en te
heet om je te bewegen (inmiddels al 5 dagen gehad) of het is bewolkt en
koel (ronde de 20). Wel lekker om dingen te ondernemen, maar ja, je mist
dan de mooie vergezichten en dus Coert zijn adembenemende mooie plaatjes
(niets ergers voor Coert dan grauw weer en elektriciteitspalen,
inmiddels ademt Coert als een fotograaf en laat zelfs zijn eten staan
voor een mooi plaatje en dat zegt heel wat!). Een Queenslander zei tegen
mij over Victoria "If you can't
stand the weather, you certainly won't
stand the people". Je begrijpt er leeft enige rivaliteit tussen de
staten. Dus je raadt het al, de volgende dag rijden we in de kou en de
miezer over de prachtige hoogvlakte, genaamd Rocky Valley. De dirt road
bij Falls Creek spoort mij aan om kuilen en bomen ontwijkend mijn eerste
kilometers achter het stuur door te brengen. Dat valt niet tegen maar er
is geen kip te bekennen en ik ben de 3de versnelling niet uitgeweest dus
echt opscheppen mag ik niet. De prachtige mystieke mistige tocht langs
groen/blauwe gumtrees brengt ons op de bushcamping van waaruit we nog 1
wandeltocht wagen. Jackie heeft een nieuwe zin ontdekt "mijn beentjes
zijn moe" wat haar te pas en te onpas op Coert zijn nek doet belanden.
We zien zelfs nog een zonnestraal en sluiten de dag af
met een heus
kampvuurtje. De volgende dag rijden we uren lang vreselijke
slingerwegen, dat ik niet weet wat erger is, al dat draaien of hobbelen
over dirtroads (had ik al verteld dat ik eigenlijk helemaal niet zo van
auto rijden houd en we hoeven nog maar zo'n 30.000 km dus dat valt we
mee). Maar goed plotseling verandert de omgeving in Africaanse
taferelen. Eindeloze gele vlaktes met hier en daar een knoestige boom,
in de verte bergen en zachtsliertige wolken. "Hier zou een giraffe of
leeuw niet misstaan", grappen we nog. Dan zien we de bordjes met
'African Lovegrass'. Echt begrijpen doen we het niet, want de Aussies
zijn namelijk heel trots op oorspronkelijke begroeiing en echt
uitnodigend is het ook niet. Doen wij het toch liever in een hooiberg.
We bereiken Loch Sport dat ingeklemd is tussen aan de ene kant meren en wetlands en aan de andere kant zee.
In de middle of nowhere staan we op
de ransigste camping maar op de fiets worden we beloond met waanzinnige
vergezichten. Trappend langs modderige wetlands weerkaatsen alle
spiegelgladde meren ons de prachtigste kleuren toe, van rode heide tot
knalblauwe lucht en helderwitte wolken. Door rare bewegende wezens op
wielen hoppen de kangaroes opgeschrikt in groepen de ondiepe meren over,
wat een heel grappig gezicht is. De fietstocht eindigt op het strand. We
merken dat we steeds meer offroad (tracks, strand, wetlands, etc) gaan
fietsen wat natuurlijk veel uitdagender is en met onze verbeterde
conditie wonderbaarlijk goed gaat. 's Avonds word ik versiert door een
dronken kerel (is me al in jaren niet meer gebeurd) en genieten we met
ondergaande zon op het (natuurlijk net te koude) terras van fish en
chips.
De volgende dag valt de officiële fietstocht tegen en laten we Loch
Sport voor wat het is (wegwezen hier). We rijden km's langs prachtige
stranden en gratis bushcampings (richting Seaspray). Coert stuurt
behendig onze bak tussen de bomen en verovert een plaatsje. We zijn de
enige gekken in een camper, de rest zijn van die echte kampeerders (gat
in de grond, douchen in zee-types). Ik ben uitermate content met onze
privé uitrusting. Het is heerlijk weer, maar ons plan om nog een paar
uur langs het uitnodigende strand te lopen, wordt door Jackie
gesaboteerd. Al is het nog zo warm, Jackie blijft wind associëren met
kou, hetgeen betekent dat we terug moeten naar de camper. Jackie durft
zich pas weer op het strand te wagen met: spijkerbroek, jurk,
regenlaarzen, muts en jas en bij Papa in de draagrugzak (opwaaiend zand
tegen de benen resulteert stantepede in een paniekaanval). 't Is echt
niet op aan te zien, bij 30C loopt of beter gezegd hangt Jackie erbij
als een Eskimo die natuurlijk prompt in slaap valt.
De volgende dag is weer zo tekenend voor Australië; van superbushcamping
naar hip theatercafé binnen 1 uur. De werelden wisselen elkaar zo snel
af dat ik 's morgens niet weet wat ik aan moet trekken (grapje, je kunt
best hip en gekleed zijn in knalrode Nike sportbroek). Tussen hip en
verliefd Sale genieten we van heerlijke koffie (ja in de camper moeten we
het nog steeds doen met oplos) en uren de krant lezen. Jackie speelt,
rent, springt wild op en neer met de kinderen van de kok, waar niemand
zich ogenschijnlijk aan irriteert. Terug in Bairnsdale voor klein
onderhoud, trappen we nog een stuk Railtrail
en genieten we 's avonds van een overvloedige maaltijd bij de
plaatselijke gokclub. Terwijl we de camper moeten missen vermaken we ons
de hele ochtend in het Family Fun Park met springkussen, draaimolen en
midgetgolf. Vooral Jackie vermaakt zich met ronddraaien van haar
kinderclub, wij vinden er natuurlijk niks aan, maar worden zo fanatiek
dat we vals gaan spelen, niet doorvertellen hoor. Een voorproefje voor
Jackie's verjaardag zullen we maar zeggen.
17 januari 2006, Jackie 3! 17-1-2006

Als we 's morgens haar wakker zingen, zegt ze 'Nee, Jackie nog slapen',
met een glimlach op haar gezicht. Ik heb een verjaardagshoed in elkaar
geflanst en een tas met kleine cadeautjes voor haar verzameld (omdat ze
alle andere cadeau's al de afgelopen maanden van me afgetroggeld heeft).
Tevens vermoedend wat werkelijkheid wordt in Melbourne, als we 3 weken later
4 grote verjaardagsdozen incasseren bij de post restante van onze familie uit NL en
UK. Jackie is helemaal gelukkig met haar verjaardagsbordjes en eendjes
en roept "Ik ben jarig, nu, Jackie is three" (tellen gaat verbijsterend
goed in het Engels). Aan pittoreske Port Albert lunchen we met een
heerlijke slagroomtaart en Jackie helpt ijverig mee om met mini M&Ms
haar naam erop te zetten. Kaarsjes worden uitgeblazen en dan moeten we
echt weer verder, want de planning is om vanavond in Nationaal Park
Wilsons Promotory (the Prom) te overnachten. Echter we hebben
pech, want
als we aankomen zijn we niet de enige die het park nog in willen en alle
500 campingplaatsen zijn vol. Gaan we dan eindelijk de nadelige
gevolgen van het hoogseizoen ondervinden? We willen omdraaien om het
morgenochtend nog een keer te proberen als Coert het toch nog één keer
gaat vragen. Dan pas heeft de medewerkster door dat we buitenlanders
zijn. Tja met West Australisch kenteken (de overige buitenlanders rijden
in duidelijk herkenbare huurcampers van Brits of Kea) en ondergetekende
begint al aardig slang te praten (whatever) hadden ze ons voor Aussie
aangezien. We moeten paspoorten overhandigen en we vertellen trots dat
onze kleine meid vandaag 3 geworden is. Hoe het werkt weten we niet
precies maar er blijkt nog 1 internationale campingsite te zijn (ja echt
buitenlanders krijgen de kans niet om aan het lotingssysteem deel te
nemen dat al ongeveer een half jaar ervoor plaats vindt voor het
hoogseizoen). Nou Coert het is een mooi verhaal, maar ik verdenk je
ervan haar dollars en/of speelse blikken 
toegeworpen te hebben. Who
cares, we hebben een plaatsje op Tidal River, the Prom! Hoogseizoen down
under betekent overigens dat alle restaurants open zijn (nog steeds op
belachelijke tijden als 20.00 sluiten), dat alle attracties op volle
toeren draaien (blijkt als we de volgende dag naar de puppetshow gaan in
het visiterscentre) en dat we buren hebben op de camping. Voor ons
Nederlanders is het hoogseizoen gewoon gezellig, als een onverwacht
zonnige doordeweekse dag aan zee, mét voldoende parkeerplaats en geen
rijen voor een ijsje. De Aussies leven allemaal op minimaal 4 hectare
grond en vinden een camping dus per definitie overbevolkt. Onze buren
blijken overigens een erg gezellige moeder, oma en 4 kinderen. Als
Jackie chipjes mag uitdelen loopt ze te stralen van geluk, steekt 3
vingertjes in de lucht en roept "Jackie is three".
<vorige pagina> <volgende pagina>